Getuigenis – TUINIEREN

Maak kennis met Anne en verneem hoe zij de tips en tricks toepast bij het tuinieren

Mijn naam is Anne en ik ben 75 jaar. Ik woon in de rand van Brussel. Acht jaar geleden startte ik met de dialyse. Dat was een grote verandering in mijn leven. Het had ook een impact op mijn lievelingshobby: tuinieren.

Mijn man en ik hadden vroeger een klein tuinbouwbedrijf. Na het overlijden van mijn man, tien jaar geleden, namen de kinderen het bedrijf over.

Kort na mijn pensioen kreeg ik nierproblemen; op m’n 67 werd ik voor het eerst gedialyseerd.

Aanvankelijk kon ik niet meer tuinieren; dat was nochtans mijn wens. Drie maanden na mijn eerste dialysebehandeling ben ik opnieuw gestart met tuinieren.

Bepaal prioriteiten

In het begin van de lente beperk ik me tot een gefaseerde 'schoonmaak' van mijn tuin: in een viertal weken is mijn hele tuin 'opgekuist'. Door een kleine maand uit te trekken voor deze 'poetsbeurt', bouw ik in stapjes mijn 'conditie' weer op. Dat mag wel na een winter: in dat seizoen beweeg ik veel minder. Na de eerste periode van schoonmaak kies ik ervoor om het onderhoud van de tuin in stukjes op te delen. Elke keer ik in de tuin werk, beperk ik mij tot het onderhoud van een klein perceeltje: dat zorgt ervoor dat ik voldoende in beweging blijf en dat ik wat afwisseling heb in de bewegingen.

Stel het doel bij

Ik hou goed rekening met het weer: bij slecht weer hou ik me vooral bezig met het onderhouden van mijn kamerplanten, en het kweken van zaailingen – dat kan perfect in huis.​ In de winter vind je me aan mijn 'tuinbureau'. Dat is een oude schrijftafel die ik heb omgevormd tot een 'tuiniertafel'. Deze tafel staat aan het grote raam aan de voorkant van mijn huis. Ik heb daar niet alleen veel licht, ik zie ook de passage in de straat. Wanneer één van mijn buren passeert, en ze zien me aan het werk, nodigt dat uit om even goeiedag te komen zeggen. Dan pauzeer ik even en doen we een babbeltje. Ik heb nog een tip. Wanneer je na de winter weer buiten begint te tuinieren, dan start je het best met een klein stukje grond aan de achterdeur van je huis. Zo hoef je in het begin van het 'buitenseizoen' niet ver te wandelen en blijf je ook dicht bij de zetel wanneer je even wil rusten of als je bloeddruk wat lager staat.

Vereenvoudig de activiteit

Om te voorkomen dat ik te veel onkruid moet wieden, heb ik grondbedekkers laten aanbrengen.​ Als ik iets zwaar moet verplaatsen, bijvoorbeeld potaarde, gebruik ik altijd een kruiwagen. Ik hou het gewicht ook beperkt: ik doe het dan liever in verschillende beurten.

Pas het tijdstip aan

Ik tuinier nu vier keer per week. Ik doe dat elke namiddag vòòr ik naar de dialyse ga, want dan voel ik me het fitst. Ik vind het ook fijn om er elke keer weer naar uit te kijken. De dag nadien vertel ik op de dialyse wat ik heb gedaan in mijn tuin. Dat horen de mensen graag. Tijdens de zomer, wanneer ik vroeger wakker ben, en wanneer ik me minder moe voel, start ik vroeger met tuinieren. Het is dan vaak ook nog niet zo warm. Dat voorkomt dat ik door de hitte snel uitgeput geraak.

Wissel inspanning af met rust

Tijdens het tuinieren bouw ik korte pauzes in van een kwartier. In het begin van de lente neem ik meer pauzes dan op het einde van de lente. In de zomer neem ik weer wat meer pauzes, zeker als het warm is.​ Ik gebruik een wekker om me te herinneren aan de pauzes, want als ik in mijn tuin ben, verlies ik wel eens de tijd uit het oog.​ Nog een tip? Wel, het zal misschien gek klinken, maar ik start elke tuiniersessie met een kleine opwarming, en op het einde ruim ik alles rustig op: dat voorkomt blessures.

Organiseer de plaats van de activiteit

In de berging van mijn huis staan de tuinspullen die ik nodig heb in het deel van de tuin dat aan de achtergevel grenst. Achteraan mijn tuin staat een klein tuinhuisje: daar staan de spullen die ik nodig heb voor de moestuin – die ligt nu eenmaal achteraan. Binnenshuis heb ik een tafel met tuinspullen om in de winter planten te verzorgen. Dat maakt dat ik van sommige spullen, zoals kleine schopjes, meer exemplaren heb. Maar dat geeft niet, want zo moet ik minder over en weer gaan met zulke spullen.

Verander je lichaamshouding

Ik varieer in mijn activiteiten tijdens het tuinieren: dat voorkomt een overbelasting van een lichaamsdeel. Ik wissel ook regelmatig van positie om te voorkomen dat ik stijf word. Een belangrijke tip is om voldoende de beenspieren te gebruiken bij het tillen.

Gebruik hulpmiddelen

Sommige hulpmiddelen maken het leven veel gemakkelijker. Het leven van de tuinder wordt makkelijker door een zit-en-knie-bankje en een kruiwagen met dubbele wielen. Moet je zeker eens proberen. Je wint ook aan comfort door een zelfoprollende tuinslang te gebruiken. Het wordt natuurlijk helemaal aangenaam als kan investeren in sproeiers met een timer.

Roep hulp in

Ik heb wat hulp gevraagd aan mijn kleinkinderen. Mijn kleindochter is trouwens helemaal weg van bloemen. Het zit in de familie. Zij helpt me graag met het verpotten van planten. Zo brengen we ook wat meer tijd door met elkaar. We babbelen dan over school en roepen herinneringen op aan opa.

Scroll naar boven